Eenvoudige, half ronde, lange mantel

 

Nice, nietwaar?

Hoe maak je dat nou..?

Nou, das niet zo moeilijk.

Wat heb je nodig:

  • 3 meter stof van c. 1.50 breed
  • schaar, stofkrijt, spelden
  • ruimte 😉

I

Vouw de stof helemaal open. Leg hem dan opnieuw dubbel maar dan met de brede zijde op elkaar.

Zie 1, 2 en 3 in figuur a.

 

figuur 1

figuur 1

 

II

De stofvouw wordt je rug, de open zijde ernaast wordt de voorkant van je mantel. Zie figuur 2.

figuur 2

figuur 2

 

III

Teken nu een kwart cirkel/ovaal af. Van b naar c, zie figuur 3. Wat kan helpen is een touwtje van 1.40 of 1.50 (de stofbreedte van a naar b), hou de ene kant vast bij a en gebruikt het dan als een soort reuzepasser, van b naar c. Zo krijg je de mantel aan alle kanten even lang.

 

figuur 3

figuur 3

Knip bij a een klein stukje halslijn uit. Hoe groot je die moet knippen is afhankelijk van je stof en hoe je wilt dat de voorkant van je mantel valt. Als je wilt dat de voorkant gesloten voor je lichaam valt, dan heb je een diepere nek en soepel vallende stof nodig. Als je de mantel meer op je schouders wilt zodat de voorkant van je lichaam vrij is, knip dan een ondiepe halslijn.

Begin met een kleine, ondiepe lijn en kijk wat de stof doet en of het is wat je wil.

IV

Pas!

Is de lengte goed?

De voorkant is c. 145, het midden van de rug ook. Het kan zijn dat de bocht nog te ruim is, waardoor de mantel op dat punt de grond raakt. Knip daar dan bij.

Is de halslijn goed?

Pas aan wanneer nodig, hou er reken mee dat je ook nog moet omzomen.

V

Omzomen

De halslijn kun je inknippen om het omvouwen wat makkelijker te maken, figuur 4. Je kunt er ook een beleg in naaien, knip dan een band in exact dezelfde vorm, leg die zo dat de goede kanten tegen elkaar aan liggen, spelden, naaien langs de rand, kleine stukjes inknippen, omvouwen, spelden en weer langs de rand naaien. Zie figuur 4 a.

figuur 4

figuur 4

figuur 4 a

figuur 4 a

 

En een voorbeeld van vouwen voor het omzomen.

figuur 5

figuur 5

VI

Tot slot: versier je mantel met kaartweef- of bandweefband, en andere sierband, borduursel, verzin een goede sluiting, van eenvoudige touwtjes of koordjes (vlecht, punik, lucet) tot gespen, brooches, kruisbanden enz. Er valt nog te denken aan een kraag, een hood of handgaten ter hoogte van je handen.

Er zijn verschillende manier om je mantel te dragen, de opening recht voor, of op je schouder waardoor je een arm vrij hebt, de zijkanten helemaal naar achter, of een zijkant over de andere schouder geslagen. Vergeet ook niet dat je er lekker op kan zitten of onder kunt slapen 😉